Plantaardig eten: dat betekent niks van dieren – dus ook geen boter, kaas en eieren. In Nederland nog een beetje geitenwollensokken, in Amerika super trendy onder celebrities. Bill Clinton doet het, hoewel hij soms buiten de deur snoept. Aan een reporter van CNN biechtte hij op een stukje kalkoen gegeten te hebben tijdens Thanksgiving. ‘The man is still lying’, concludeerde de vega-gemeenschap genadeloos.

Goed, terug naar de planten. In de vegetarische wereld kom je zonder vlees of vis een heel eind, maar geen eieren, yoghurt of kaas? Dan wordt het lastig. Vooral die laatste lijkt onvervangbaar. Toch wemelt het web van de plantaardige kaasrecepten. Maar kaas, dat wordt toch van stremsel en romige koemelk gemaakt? Is het anders wel kaas? Volgens de ‘believers’ in plantaardige kaas kan het ook met miso, cashewnoten, agar, nutritional yeast (dat zijn edelgistvlokken – je moet het maar weten) en sojamelk. De nieuwsgierigheid wint: uitproberen.

Geen gedoe met uiers

Het is verrassend makkelijk om te maken. Geen gedoe met koeien melken, stremsel scheiden, kaasdoeken en maanden op een plank liggen. Je mengt de kruiden (knoflookpoeder, ui poeder, peper, zout, gistvlokken) en de cashewnoten in een blender. Dan verhit je de sojamelk, agar en (koolzaad) olie in een steelpan tot het dik wordt en de agar is opgelost. Beide mengsels bij elkaar gooien, eetlepel miso en citroensap erbij, goed roeren, overgieten in een vormpje en laten opstijven in de koelkast.

Kaasplankje klaar?

Vol verwachting vier uur later de kaas uit de koelkast gehaald: het ziet er inderdaad niet echt uit als kaas. Ook de structuur doet niet meteen denken aan een gerijpte Remeker. Wel is de smaak hartig; in de verte heeft het de umami-verzadiging. Maar kaas? Nee, verre van. Voor een fulltime veganist is het wellicht een hartige toevoeging, als parttimer geloof ik meer in een plantaardig gerecht zonder vreemde kaasvervanger en in het weekend los gaan bij de kaaskraam op de markt.

Zelf plantaardige kaas maken? Check voor het hele recept de website van ‘green food pioneer’ Ann Gentry die het gebruikt in haar restaurant.